Tip 3: ” Good artists copy, great artists steal”– Pablo Picasso

Muziek kan je kippenvel bezorgen, energie geven of juist ontspannen, emotioneel maken of juist vrolijk, de kracht van de taal van muziek is enórm. Net zoals je hebt leren praten door je vader en moeder na te doen, kun je leren improviseren door je voorbeelden te imiteren. Inspiratie is hierbij de leiddraad die je volgt.

Wanneer jij muziek hoort die je raakt, bewaar die muziek dan ergens. Bij de één wordt het een stapel CD’s, bij de ander een afspeellijst in iTunes, Spotify of op Youtube. Zo vormt zich jouw persoonlijke audio-archief, dwars door alle genres en stijlen heen. Je hoeft je hierbij niet te beperken tot je eigen instrument. Dít wordt de taal die jou aanspreekt. Zó zou je zelf ook graag praten. Dit zijn jouw muzikale voorbeelden. De stukjes muzikale taal die je van hen overneemt vormen gezamenlijk jouw eigen muzikale taal.

Doop je oren vervolgens onder in deze muziek. Luister er om te beginnen zoveel mogelijk naar. Laat je niet afschrikken door speelniveau, of de complexiteit van de muziek. Probeer te bedenken waaróm bepaalde muziekvoorbeelden jou aanspreken. Is het de klank, de sfeer, timing, een mooie melodie? Ademt de muziek rust, of geeft deze jou juist heel veel energie? Probeer je gevoel bij deze muziek eens in woorden uit te drukken.

Kun je na een aantal keer luisteren de melodie meezingen? Weet je al wat er gaat komen? Voel je de spanningsboog? Kun je zelfs al flarden van de solo meehummen of -fluiten? Dan wordt het hoog tijd om je instrument erbij te halen. Je kunt proberen de melodie na te spelen. Je kunt uitproberen welke tonen goed passen op de muziek. Je kunt, wanneer dit niet te moeilijk voor jou is, proberen of je een stukje van een solo uit kunt zoeken.

Vroeger zaten muzikanten te hannessen met de toerenstand van de pick-up om te horen wat hun helden nou precies speelde. Later, in de jaren ’90, had je van die hele dure CD-spelers die een CD langzamer konden afspelen zonder dat de toonhoogte veranderde. Tegenwoordig heb je genoeg aan je iPod/Pad/Phone, een goede koptelefoon en een app of programma waarmee je muziek langzamer kunt afspelen, loops maken, en zelfs toonsoorten kunt aanpassen. Ik noem een aantal programma’s en apps die je bij je oefensessies kunt gebruiken. Ik ken ze lang niet allemaal, dus voel je vrij de lijst aan te vullen. Even voor de volledigheid, je kunt een track niet aanpassen via streamingsdiensten zoals Spotify of via YouTube, je hebt de mp3 nodig. (En nee, 99 cent is niet veel geld voor een liedje, de artiest moet érgens van leven).

Mijn favoriet is momenteel Anytune .Verkrijgbaar als app voor iPad, iPhone en iPod, en als programma voor de Mac. Anytune light is gratis en tegen betaling uit te breiden. Ik maak gebruik van Anytune Pro op mijn iPad, want hiermee kan ik ook nog loops bewaren, speellijsten maken voor mijn workshops, tracks importeren vanuit o.a. dropbox, en aangepaste tracks mailen naar mijn leerlingen. Voordat ik Anytune ontdekte, gebruikte ik op mijn laptop het programma Transcribe, ook prima. Voor de programma’s op je computer ben je over het algemeen een paar tientjes kwijt. Nog steeds stukken goedkoper dan die CD-speler die CD’s langzamer kon afspelen. Voor Windows en Android zijn er Amazing Slowdowner en Best Practice. Wanneer je graag een akkoordenschema wilt kunnen aanpassen of invoeren, kun je gebruik maken van iRealpro en Band in a Box. Je speelt dan wel met MIDI tracks. Zelf geef ik de voorkeur aan muziek die door echte musici is ingespeeld, niet door computers. Maar handig –en tijdbesparend- is het wel.

Wanneer je je app of programma hebt gekozen en je weet ongeveer hoe het werkt, zorg je ervoor dat je toegang hebt tot jouw eigen muziekcollectie van inspirerende voorbeelden en ga je aan de slag. Enkele voorbeelden. Maak een loop op het intro of een tussenstuk en speel mee. Leer de noten kennen die je goed vindt passen en zet ze op een rij (en kijk: je hebt een toonladder!) Loop het thema (de melodie) en leer het naspelen. Lastige stukjes zet je langzamer. Verdeel het thema eventueel onder in stukken en studeer elke keer een stukje in. Als je al wat verder bent, kun je eens proberen om gedeeltes van een solo uit te zoeken. Op gehoor. Schrijf het niet op. Vertrouw op je muzikaal geheugen. Wanneer je een stuk muziek echt goed kent, zul je het niet snel meer vergeten.

Ik werk zelf ook zo. Ik heb de afgelopen maanden regelmatig tijd besteed aan het uitzoeken van een saxofoonsolo van Brice Winston (een relatief onbekende, maar fantastische saxofonist uit de band van Terence Blanchard) op Footprints. Ik kan de solo inmiddels helemaal spelen, en weet ook waaróm de solo me zo aanspreekt. De solist begint één motief –overgenomen van de laatste noten van de trompetsolo – en gaat daar vervolgens op door. Hij keert het motief binnenstebuiten, past het harmonisch toe op het hele stuk en varieert er op los. Totdat er weer een nieuw idee ontstaat waar hij op doorgaat. Dit alles gebeurt met een weergaloze sound en vaardigheden waar ik vooralsnog alleen maar jaloers op kan zijn. Maar ik geef mijzelf sindsdien tijdens het soleren regelmatig de opdracht om langer door te spelen op één idee. Dát is een van de dingen die ik van die solo heb geleerd. Ik heb er weer een klein stukje eigen taal bij.

Ik zal regelmatig een blog met nieuwe tips publiceren. Wil je meer inspiratie? Wil je je nu al verder ontwikkelen? Wil je graag directe feedback? Dan nodig ik je van harte uit om eens een van mijn workshops uit te proberen. Wanneer je je e-mail adres hier achterlaat, ben jij als eerste op de hoogte van nieuwe data.